Utrechtpad, etappes 25 - 26, Baarn - Hollandsche Rading

24 september 2005. Zo lang is het geleden dat ik met Bob heb gewandeld. Een vervelende voetblessure bij mijn zwager weerhield ons al die tijd van gezamenlijke tochten maar vandaag, zaterdag 31 maart 2007, gaan we het weer eens proberen. Bob wil graag "ergens" op de Utrechtse Heuvelrug wandelen en hij denkt dat zijn voeten een tocht van een kilometer of twaalf wel aankunnen. Tja, en voor de verandering kom ik uit op enkele etappes van het Utrechtpad. En wel die van station Baarn naar station Hollandsche Rading.


Wandeling Foto's Naar Utrechtpad Naar wandelingen

Als ik het over "station" heb dan impliceert dat reizen per trein. Dat doen we want we reizen vanuit Maarssen via Utrecht naar station Baarn. Dit is niet zo maar een aardig stationnetje want het bevat naast een Wizzl ook een Koninklijke wachtkamer. Het station en de wachtkamer stammen uit 1874 en waren eigendom van de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij (HIJS). Aan de overkant lag het in 1902 gebouwde station van de Utrechtse Locaalspoorweg, nu een restaurant. Ja ja, in plaats van één NS bestonden er in het verleden veel kleine spoorwegmaatschappijen met eigen trajecten en bijbehorende zaken.

Aan het ontstaan van station Baarn en de wachtkamer is de volgende leuke historie verbonden: "Er waren eens twee broers. De ene, luisterend naar de naam Hendrik, was een prins. De andere, Willem III geheten, was een koning. Prins Hendrik woonde op paleis Soestdijk en toen rond 1870 door de HIJS de spoorlijn Amsterdam - Amersfoort werd aangelegd, stond deze brave Hendrik daarvoor de nodige grond af. Maar zo braaf was hij niet om als tegenprestatie een eigen spoorwegaansluiting naar zijn paleis te vragen. Zijn broer de koning woonde in 't Loo bij Apeldoorn. En zoals broers wel vaker jaloers op elkaar kunnen zijn, werd Willem nogal boos toen hij hoorde over het privé spoor van zijn broer. Want een koning heeft daar toch veel meer recht op, nietwaar? Aangezien een koning doorgaans ook meer macht heeft, liet Willem de spoorlijn naar Soestdijk schrappen. En, slim als hij was, hij liet de HIJS die toch in de buurt aan het werk was, een zes kilometer lang lijntje aanleggen naar zijn eigen voordeur. Omdat Willem III niet helemaal de beroerdste was, schonk hij broer Hendrik station Baarn met de Koninklijke Wachtkamer". Om het verhaal compleet te maken, station Baarn en de wachtkamer bestaan nog steeds terwijl de spooraansluiting naar 't Loo in 1954 werd opgebroken (bron: Utrechtpad).

Goed, genoeg over stations, we gaan lopen. Het is tien voor twaalf als we het station verlaten en het Utrechtpad op gaan.

Al snel verruilen we de bebouwde kom van Baarn voor het Baarnse Bos. Dit bos is het restant van een zeventiende eeuws sterrenbos (een verwilderde Franse tuinstijl) en het behoorde bij het landgoed de Eult. In 1758 werd dit landgoed bij Soestdijk getrokken. Het bos heeft een goed bewaard gebleven geometrisch lanenpatroon en enkele fraai gerestaureerde "berceaus". De middelste laan, met ronde vijver, vormt de zichtas die uitkomt op een andere zichtas, de Koningslaan. Deze laatste as levert, gezien vanuit paleis Soestdijk, zicht op De Naald. En dat is weer een gedenkteken dat in 1820 is opgericht ter herinnering aan een overwinning bij Waterloo in 1815. Hoeveel van de hardlopers en hondenuitlaters die we hier veelvuldig tegenkomen, zullen weet hebben van al deze historie?

Bij de Google-Earth foto rechts: in het gele cirkeltje linksonder zie je Paleis Soestdijk, schuin rechts onder het midden De Naald, en bovenaan station Baarn. Met daaronder een mooi beeld van het geometrische sterrenbos.
Linksonder Paleis Soestdijk, vandaar schuin rechts omhoog De Naald, en bovenaan station Baarn

Uiteindelijk komen wij via zichtassen en berceaus uit tegenover paleis Soestdijk. En hoe toevallig, laat Bob daar drie dagen eerder een excursie hebben gehad. Vandaag blijven we buiten. We komen zelfs niet in het parkbos dat in 1779 is ingericht naar Engelse stijl. Nee, het Utrechtpad wandelt om Soestdijk heen zo maar de bossen van de Lage Vuursche binnen. Dit bosgebied ligt grofweg tussen Hilversum, Baarn, en Soest. Was het in de 17de eeuw nog een uitgestrekt heidegebied, met de komst van de buitenplaatsen werd er meer en meer bos aangeplant. Tussen deze oude landgoedbossen zijn in de jaren dertig productie- (naald-) bossen aangelegd zodat we door een gevarieerd bosgebied lopen. Dat vinden ook de 63 broedvogels die hier geteld zijn. Wij zien daarvan onder andere boomkruipers, -klevers, en de nodige mezen en vinken. En een boomvalk.

Tijdens het eerste stuk door de Lage Vuursche wordt veelvuldig het hek van de paleistuin gevolgd. Dat is een beetje minder maar verder valt er over de route weinig te klagen. Wel te klagen heeft een echtpaar uit Rijswijk dat nu al het spoor en de moed bijster lijkt te zijn. Zij hebben een onduidelijk kaartje, wandelen vanuit Baarn een rondje door de Lage Vuursche terug naar Baarn, en moeten op tijd de trein terug hebben in verband met de hond. We helpen ze voor de eerste keer op weg. Later doen wij dat nog eens en verder hopen we maar het beste voor de hond. En voor zijn of haar baasjes... In deze fraaie omgeving wordt op deze zonnige zaterdag dag door meer mensen gewandeld en met enige regelmaat passeren we dezelfde mensen. Of zij ons. Er waait een frisse wind maar omdat we die vooral in de rug hebben, kan tijdens één van onze kortere pauzes mijn jas uit de rugzak in.


De Stulp. Zo heet het open heide- en stuifzandgebied waar we nu langs wandelen. In de jaren negentig is het gebied door Staatsbosbeheer "gerenoveerd" want het was in de jaren daarvoor helemaal verbost. Om te voorkomen dat deze geschiedenis zich herhaalt, wordt de heide nu kort gehouden door Charolais runderen. Mooi deze variatie, maar toch vraag ik me bij dit soort gebieden wel eens af of de natuur dit ook zou willen. Ik bedoel, wat is er in ons landje nog natuurlijk? Maar goed, de in De Stulp voorkomende mierenleeuw, zandhagedis, en andere dieren en planten hebben aan mijn twijfels geen boodschap en vinden hier hun gewenste biotopen. En wie ben ik dan om hen dit niet te gunnen. En versta mij niet verkeerd, ook ik wandel liever door het gevarieerde gebied dat de Lage Vuursche nu is dan door alleen maar hetzelfde bos.

Het Pluismeer. Zo heet het volgende "opgepimpte" stukje natuurgebied dat wij passeren. Dit ven was in de jaren zestig dichtgegroeid met riet en grassen. En net als bij De Stulp stak ook hier Staatsbosbeheer de reddende hand toe. Het ven werd drooggelegd en schoongemaakt, de omliggende grond werd afgeplagd. En zie, heden ten dage groeit er onder andere klein zonnedauw, diverse mossen, en het zeldzame Klokjesgentiaan. Ook de ringslang heeft er weer een plekje gevonden. Het Pluismeer is niet toegankelijk en alleen vanuit een observatiehut te bekijken. Hiervoor moet je de route verlaten maar dat is de moeite waard. Wij pauzeren er even hoewel het door de wind niet echt aangenaam voelt.

De route loopt nu gelijk op met het Trekvogelpad en is daardoor voor mij redelijk bekend. Onbekend blijft Kasteel Drakenstein dat verscholen in het bos moet liggen. Deze zeventiende eeuwse buitenplaats werd in de jaren vijftig door de Oranjes aangekocht. In de jaren zestig hebben koningin Beatrix en prins Claus er gewoond. Niet verscholen blijft het plaatsje Lage Vuursche. Dit kasteeldorp is ontstaan na de bouw van Drakenstein en tussen alle horeca zijn langs de huidige dorpsstraat nog gebouwen uit die tijd terug te vinden. Wij vinden er het terras van Pannenkoekenhuis De Vuursche Boer waar wij onder het genot van appelgebak (met slagroom) en warme chocolade (met rum) een heerlijk uurtje pauzeren.

Om tien voor half vier gaan we verder. En een uur later zijn we op station Hollandsche Rading. Is er over dat uur nog wat te melden? Ja zeker. Zo druk als het in Lage Vuursche is, wordt het na een tien minuten wandelen aanzienlijk rustiger. We passeren het Koos Vorrinkhuis, voor de natuurvrienden van het NIVON, en we bevinden ons thans in het Maartendijkse Bos. In dit bos is nog aan de percelen te zien dat het in feite een voortzetting is van de Utrechtse veenontginning. Lange rechte percelen dus. Later zijn deze ingepland met productiehout en nu probeert Staatsbosbeheer, daar zijn ze weer, er een gemengd bos van te maken.

Even goed op de route letten want we passeren een paaltje met daarop de markeringen van wel vier wandelroutes. We blijven het Utrechtpad volgen dat langs het in december 2006 afgebrande restaurant de Fazantenhof komt. De restanten liggen er troosteloos bij. Kerstversiering, peper- en zoutstelletjes, een doos sigaren, en een brandblusser, als trieste getuigen. Brr, een luguber gezicht. Een stukje verder wordt het bos lichter en we passeren de Zwaluwhoeve waar Charolais runderen worden gefokt. En da's leuker om te zien dan de geblakerde Fazantenhof.

Zo komen onze schreden op het Utrechtpad bijna ten einde. Maar niet nadat we even hebben stilgestaan bij de Hollandse Sloot. Denk nou niet aan een sloot met water want dan kom je bedrogen uit. Nee, op een voormalige afwateringssloot loopt tegenwoordig een fietspad. Ooit was die sloot, en nu dus het fietspad, de grens tussen Utrecht en Holland. Juist, de Hollandse Rading. Op dit punt zeggen we het Utrechpad vaarwel en we volgen de aftakking richting station Hollandse Rading.

En dan gaan we het nog even hebben over een kwestie van goed vertrouwen. Want we ontmoeten een oudere dame die haar teckeltje aan het uitlaten is. Zij vertelt ons eerst over het hoe en waarom de Fazantenhof zo lang in de huidige toestand is, een geld- en familiekwestie. Als wij verder willen wandelen, vraagt zij of wij onze waardevolle spullen zoals geld ook in de rugzak bewaren. Want dat lijkt haar een zeer onveilig idee, zeker straks op die drukke stations. Nee, dan bewaart zij het op een heel wat veiliger manier. Hoe zij dat doet, ga ik hier niet vertellen want je weet maar nooit wie je op een idee brengt. De hele situatie geeft wel aan hoe zeer zij ons vertrouwt. Nu zijn we uiteraard zeer betrouwbaar en vriendelijk maar toch. Je leest wel gekkere dingen.

Goed, we zijn door de vriendelijke dame genoeg opgehouden om in de verte onze trein voorbij te zien rijden. Dus moeten we op het station 25 minuten wachten. Door het lekkere zonnetje is dit echter geen straf. Als de trein om 16:41 uur arriveert, rest een voorspoedige terugreis die ons om 17:23 uur weer terug in Maarssen brengt. Bob zijn voet heeft zich goed gehouden, en dat biedt perspectief voor de toekomst. 


Vragen of reakties? Naar Utrechtpad Naar wandelingen Naar boven