Zeedijk (Harlingen - Franeker)
| De NS beschrijft deze per 1 april 2007 nieuwe route als volgt: | ![]() |
Twee van de Friese elf
steden, Harlingen en Franeker, worden door deze wandeltocht verbonden. Harlingen
is van oudsher een belangrijke haven-, industrie- en vissersplaats. Rond 1825
was het zelfs de derde haven van Nederland. Via het oude centrum voert de route
langs de uitgebreide nieuwe haven.Vanaf de Zeedijk heeft u even later prachtig
zicht op Waddenzee. Bij
Roptazijl gaat de hoofdroute het binnenland in en door het terpdorp Wijnaldum
langs de Sexbierumervaart naar Franeker. Het is ook mogelijk de Zeedijk nog 7 km
te vervolgen en via Oosterbierum en de Slachtedijk naar Franeker te gaan.
Op
woensdag 13 februari 2008 ga ik voor de lange variant. En, zeer opmerkelijk, ik
wandel voor het eerst in Friesland, als ik Terschelling
tenminste niet meereken. Het
is in mijn ogen een wandeling met drie, misschien wel vier verschillende
gezichten. Lees mijn verslag en het zal u duidelijk worden wat ik hiermee
bedoel. Veel plezier.
| Wandeling | Foto's | Naar wandelingen |
Tja, Friesland, en zeker Harlingen, liggen nou niet
bepaald naast de deur. Dat betekent vroeg op staan op mijn vrije dag. Om 6
(zes!) uur gaat mijn wekker dan ook vrolijk af. Een eerste blik naar buiten
geeft enige teleurstelling: mist. Toch sta ik op, tref mijn nodige
voorbereidingen en om half acht stap ik op de fiets richting station
Driebergen-Zeist. Met de trein van 07:43 uur reis ik naar Utrecht. Daar heb ik
net genoeg tijd om wat geld, een cola, en een espresso te kopen. Om 08:17 uur
vertrekt een volle trein richting Leeuwarden. In Amersfoort stappen de meeste
medereizigers uit zodat er voor de rest van de reis ruim plek is. Tijdens de
bijna twee uur durende reis vermaak ik mij met het bekijken van de omgeving,
zowel buiten als binnen. De trein arriveert keurig op tijd in Leeuwarden. Daar
koop ik mijn tweede espresso. Ook de trein van Arriva vertrekt op tijd, 10:33
uur. De tijd van de oude dieseltjes die op het traject naar Harlingen dienst
deden, is zo te zien verleden tijd. De trein is niet alleen vrij nieuw en
opmerkelijk schoon maar rijdt ook hier netjes op tijd. En zo is het geheel volgens plan
elf uur als ik het station van Harlingen verlaat en aan mijn wandeling begin.
Even zoeken en daar zie ik op een lantaarnpaal de eerste roodwitte markering met
het NS-logo. Via de aanlooproute wandel ik richting het centrum van Harlingen
waarbij al snel de roodwitte markering van het Friese Kustpad wordt gevolgd. Ook
hier in Friesland is het nevelig. Er staat amper wind en dat is
voor het wandelen lekker maar daardoor blijft de mist ook hangen. Nu ja, niets
aan te doen, en het heeft ook wel weer iets. Het is gelukkig niet zo mistig dat
ik niets van de aanwezige historie van Harlingen zie. Want historie heeft dit
ca. 15.000 tellende inwoners stadje zeker. Rond 800 ontstaan uit een
Vikingnederzetting (ik citeer de beschrijving), rond 1825 zelfs derde haven van
Nederland, en tegenwoordig bij de meeste mensen bekend als vertrekhaven voor een
vakantie op Terschelling of Vlieland. En leuk om doorheen te wandelen.
Waar de routebeschrijving op pagina 3 zegt "U bent nu op de Zoutsloot. Bij
de tweede brug, Bildtstraatsbrug, rechtsaf eroverheen en direct weer linksaf."
is het raadzaam deze beschrijving te volgen en niet de markering. Waarom? Omdat
er rechts over de brug een (foute?) markering is te zien die je, nu aan de
andere kant van het water, weer terug langs de Zoutsloot zou laten lopen. Dus gewoon linksaf
richting de dijk. Als ik daar bovenop kom, zie ik bekend terrein. De
aanlegplaats van de veerboten naar en van Vlieland en Terschelling. Ik zie
alleen de snelle Koegelkwieck in de haven en even bekruipt me het gevoel om die
te nemen en lekker weg te vluchten naar Terschelling. De realiteit
laat me echter doorwandelen. De route door Harlingen is tot nu toe leuk en
afwisselend. Nu volgt een stuk dat in de beschrijving zelfs als "geen
aantrekkelijk gedeelte" wordt omschreven. Ik blijf het positief zien en
vermaak me zoveel als mogelijk. Zo kijk ik enige tijd met bewondering naar
iemand die, op klompen, aan een grote buis met slijpwerk bezig is. En zo valt er
genoeg te zien. Maar inderdaad, als het om cultuur, historie of natuur gaat, is
de route hier inderdaad weinig aantrekkelijk. Toch hoort ook dit soort
bedrijvigheid er (soms) bij. En aan het eind wacht de Zeedijk !
Daar bij die Zeedijk ben ik tegen twaalf uur, tijd voor een bruine boterham met
kaas. Het is hoog water en behoorlijk nevelig. Geen kans op zelfs maar een glimp
van Ameland of Terschelling. Gelijk de monniken uit de beschrijving (pag. 8) zou
je zo maar verkeerd kunnen lopen. Hoewel dat op de huidige Zeedijk een knap staaltje
domheid zou betekenen. Want je kan daar maar één kant op. Goed, je zou te ver
door kunnen lopen maar dat is niet aannemelijk. Ergens las ik een reactie
over deze wandeling waarin over saai werd gesproken. Ik kan me dat maar moeilijk
voorstellen. Zelfs nu in de door de mist kleine wereld heb ik het hier prima
naar mijn zin met het weinige dat ik kan zien. Wisselend loop ik bovenop de dijk
of aan de Waddenkant. Daar zie ik vooral scholeksters en enkele wulpen. En naast
wat bergeenden vooral veel "gewone" eenden. Ook wat blauwe reigers, en
natuurlijk de nodige meeuwen. Andere wandelaars kom ik vandaag nergens tegen,
dus al zeker niet op de Zeedijk.
Een half uurtje later ben ik bij de vishevel
van Roptazijl. Dit ingenieuze apparaat brengt vissen vanuit de Waddenzee
naar het zoete water van de sloten aan de andere kant. Hier kunnen de vissen
(voornamelijk glasaal en driedoornige stekelbaars) paaien. Of en hoe zij terugkomen, staat niet in de beschrijving ... Voor ons,
wandelende mensen, betekent dit punt dat er een keus gemaakt moet worden.
Verlaten we de Zeedijk en gaan we verder via onder andere het dorpje Wijnaldum
en de Sexbierumervaart, of lopen we nog zo'n 7 kilometer over de Zeedijk
alvorens we via Oosterbierum en de Slachtedijk richting Franeker gaan? Mijn
keuze stond van te voren al vast en ik kan niets bedenken waarom ik anders zou
beslissen. Ik zou het zelfs jammer vinden om de Zeedijk nu al te moeten
verlaten. Wat ik eventueel mis, is een ander verhaal. Later bedenk ik dat je
deze wandeling ook anders zou kunnen maken. Dan start je gewoon in Harlingen,
volg je keurig de lange route over de Zeedijk, en waar de korte en lange route
elkaar ontmoeten ga je in tegengestelde richting langs de Sexbierumervaart en Wijnaldum
naar Roptazijl. Vandaar volg je de Zeedijk weer terug naar Harlingen. Het is zo maar een
idee. Of je gaat vanuit Franeker...... Ja, en zo zijn er meerdere varianten te bedenken.
Misschien iets voor een volgende keer?
Ik volg dus gewoon de route over de Zeedijk. Vaag zie ik in de mistige verte de kerk van Sexbierum
en verderop het silhouet van een molen. Beter zie ik groepen scholeksters die
zodra ik hen nader opvliegen om een stuk verder weer neer te strijken. Totdat ik
weer in de buurt kom en het geheel zich herhaalt. Ik vraag me af of er niet
één slimme vogel tussen zit die niet voor mij uit maar een stukje terug vliegt zodat
die daar ongestoord kan blijven zitten. Of zouden de vogels een
spelletje met mij spelen? Trouwens, even iets heel anders, het zal op deze route lastig zijn om een
hond mee te nemen. Aan het begin van de Zeedijk zou je die namelijk over een
veerooster moeten tillen, en hier en daar moet er over een enkel hek worden
geklommen om verder te kunnen. Het is maar een waarschuwing. Alternatief zou
misschien de weg aan de binnenkant van de Zeedijk kunnen zijn maar ook daar heb ik
roosters gezien.
Waar ik wel zeker van ben, is dat ik bij steen 8,2 de dijk moet gaan verlaten.
Maar niet nadat ik op dat punt een wat langere eet- en rustpauze heb genoten.
Hoewel genieten een groot woord is want is het om te wandelen prima weer, tijdens
deze pauze voel je goed dat het best frisjes is. Na
een laatste blik op de Zeedijk en de Waddenzee ga ik na een half uurtje dan ook
snel weer verder. Over de dijk en hup, een hek over het binnenland in. Langs een
sloot gaat het over de (het?) Fiskersleane op de kerk van Oosterbierum aan. Van
dit door de Friezen Easterbierrum genoemde dorp zie je niet zoveel want de route
gaat er vooral langs en omheen. Dus of er horeca is, ik zou het niet weten.
Na Oosterbierum volgt de Slachtedijk. Hoewel je het er bijna niet meer aan
afziet is deze voormalig zeedijk opgebouwd uit verschillende oude
zeepolderdijken. In 1825 heeft de dijk voor het laatst nog echt water
tegengehouden en nadat de dijk na de voltooiing van de Deltawerken zijn status
als slaperdijk verloor, is het thans een monument waar eens in de 4 jaar de
Slachtemarathon wordt gehouden. Want de dijk loopt in ongeveer 42 kilometer van
Oosterbierum tot Raerd. Zover hoef ik gelukkig niet.
"De Bjirmen. In 1987 werd inmiddels een van de
oudste windmolenparken van Friesland in bedrijf genomen als proefobject.
Hiervoor is een van de meest windrijke plaatsen van ons land gekozen".
Aldus de beschrijving. Tot mijn grote opluchting waait het vandaag echter
nauwelijks. Slechts anderhalve windmolen probeert te draaien maar echt van harte gaat
dat niet. Voor wie wel eens over de A6 door de polders rijdt, zal dit
windmolenparkje niet veel voorstellen. Toch heeft het wel wat en ondanks dat het
niet druk is op de Slachte loop ik toch het paadje langs de windmolens. En als
je daar zo onder loopt, ervaar je pas goed hoe hoog die dingen zijn.
Na de windmolens volg ik weer de Slachte. Nu over een fietspad want er begint
iets meer verkeer op de weg te komen. Rechts zie ik de Sexbierumervaart en even
later passer ik het monument Getswerdersyl (syl = sluis). Het Friese Kustpad
gaat hier naar rechts. Daar komt ook de korte variant vandaan. Samen gaan we
richting Franeker. Onder een drukke weg door, wat geslinger door "nieuw
bos", een ontmoeting met een echte Friese Stabij, en dan loop ik het
centrum van Franeker binnen. Ook dit is één van de elf Friese steden en heeft
een leuk en monumentaal centrum. Zo dateert het stadhuis uit 1600, en passeert
de route het planetarium van Eise Eisinga. In dit oudst werkende planetarium van
de wereld draaien sinds 1781 planeten rond de zon in dezelfde tijd als de echte
planeten dat doen. Via de stadswal wandel ik uiteindelijk richting het station
van Franeker. Ik kom niet helemaal goed uit met mijn tijd, zo zie ik daar. Maar
dit "nadeel heb later het voordeel" dat ik in de trein van Leeuwarden
naar Utrecht kan blijven zitten en niet in Amersfoort hoef over te stappen.
Samenvattend. De Zeedijkroute kent verschillende gedeeltes, verschillende
gezichten zo je wilt. Zo heb je twee
historische stadjes, een fraaie (of voor sommigen saaie) Zeedijk, en een
binnenlands gedeelte via onder andere de Slachte. Alles bij elkaar heb ik mij
prima vermaakt en het zou mij niet verbazen als ik deze wandeling op een mooie
heldere dag nog eens zou gaan lopen. Misschien iets anders ingedeeld, maar toch.
Rest nog te vermelden dat de terugreis even vlot ging als de heenreis en dat ik
's avonds rond half negen moe maar voldaan weer thuis was. Ruim 24 kilometers
waar ik inclusief enkele korte pauzes bijna zes uur voor nodig had. En onderweg
heb ik weer geen appelgebak gegeten......
| Vragen of reakties? | Naar wandelingen | Naar boven |