Nijmegen en omstreken

Ed wil wel eens in de omgeving van Nijmegen wandelen en daar heb ik geen enkel bezwaar tegen. Na enig zoeken vind ik twee routes. De eerste is een 9 km lange route uit Grasduinen die over de Mookerheide, de Kiekberg en de St. Jansberg gaat. De tweede route is een 2-daagse NS wandeling die in 2x 16 km van Cuijk via Groesbeek naar Nijmegen loopt. Ik combineer beide routes tot één dagwandeling van ca. 25 km en daar heeft Ed geen enkel bezwaar tegen.


Wandeling Foto's Naar wandelingen

Met de trein reizen we op vrijdag 10 september 2004 vanuit Maarssen via Utrecht naar Nijmegen. Daar nemen we bus 83 richting Venlo en om kwart over negen, ja, we zijn weer vroeg op pad vandaag, staan we bij de bushalte aan de Rijksweg in Plasmolen. Het belooft een mooie zonnige dag te worden en vol goede moed gaan we op pad.

We steken de Rijksweg over, lopen een stukje naar rechts en vinden dan de "ingang" van de St. Jansberg. Hier volgen we eerst een deel van de route uit Grasduinen (route 22, jaar 2002) en daarbij moeten we op bruine paaltjes letten. De spieren krijgen geen tijd om rustig warm te worden want het is direkt klimmen geblazen. Maar ook hier heeft ieder nadeel zijn voordeel want na iedere beklimming volgt een afdaling.

De NS route vertelt het volgende over de St. Jansberg:
De Sint Jansberg is een voormalig landgoed met hellingbossen en akkers op de stuwwal van Nijmegen. De bouwlanden zijn met houtwallen omgeven. De bermen van enkele holle wegen, die het bouwland doorsnijden, hebben een interessante vegetatie. De hoogste punten zijn de Kiekberg (77 meter) en de Sint- Maartensberg (66 meter). Op de steile zuidhelling treft u bronnen, beekjes en vijvers aan. In het voorjaar wordt de wandelaar verrast door de grote bloemtapijten van bosanemoon en speenkruid onder de nog kale takken van de loofbomen. Grote delen van de Sint Jansberg zijn niet toegankelijk. U ziet dan ook heel wat palen en draad, vooral op de hellingen. Deze maatregelen bleken onder meer nodig om het leefgebied van de hier wonende dassen te beschermen.

Dassen zien we niet, wel een niet alledaags vogeltje. We zijn nog geen half uur onderweg als we via een bruggetje een beekje oversteken. Rechts ligt een soort vijver en tot onze verbazing en verrassing zien we daar een ijsvogel. Een goed begin van de tocht. Even later komen we aan de rand van het bos. Aan onze linkerkant ligt het Zevendal. Prachtige "Limburgse" vergezichten. En daarvan zullen er vandaag nog meer volgen. We lopen nu parallel aan de NS route, alleen (nog) in de verkeerde richting, namelijk richting Cuijk. Nadat we het Zevendal zijn overgestoken, slingeren we door een stukje bos, het Startse Dal, richting de Mookerheide die we via een klaphek betreden.

Over de Mookerheide bericht de NS het volgende:

Het liep slecht af met het huurlingenleger van Willem van Oranje bij de slag op de Mookerheide in 1574. De ruiterij en het voetvolk moesten het onderspit delven. In 1870 werd een massagraf van de gesneuvelden ontdekt aan de Groesbeekseweg. Ook de aanvoerders, de graven Hendrik en Lodewijk van Nassau, broers van Willem de Zwijger vonden de dood. Hun lichamen zijn evenwel nooit gevonden. De Mookerheide is een heideterrein met plaatselijk veel brem. De struikheide bloeit in augustus. Het gebied ligt op een uitloper van de Nijmeegse stuwwal. Op sommige plekken heeft u prachtige vergezichten over de Maas. Een deel van het terrein wordt in zomer en winter begraasd door Drentse heideschapen en Schotse Hooglanders om vergrassing tegen te gaan.

Gelukkig loopt het met ons beter af dan met de huurlingen van Willem. We worden niet aangevallen door de Schotse Hooglanders en het is volop genieten van de hier en daar nog bloeiende hei. Wel vinden we het gebied aan de kleine kant, we hadden alle twee een andere, lees ruimere, voorstelling van de Mookerheide. Maar het heuvelachtige karakter en de fraaie vergezichten op o.a. Cuijk geven genoeg extra's om over een zeer fraai gebied te mogen spreken.

Vlak voor een ijzeren waterput laten we de hei achter ons. Nu even goed opletten en dat lukt ons dit keer wonderwel. Om 10:45 uur verruilen we de route van Grasduinen voor die van de NS. 
Over de Mookerheide richting Cuijk. Klik hier voor meer foto's.

En die voert ons (nu in de goede richting) langs velden met doorgeschoten asperges, vreemd om te zien, en jonge kerstbomen richting Groesbeek. Daar arriveren we rond half twaalf en een kwartier later zitten we op het terras van café restaurant Le Monde aan de welverdiende koffie (Ed) en espresso (ik) met appelgebak (beiden). De route is tot nu toe erg mooi en afwisselend. Het is perfekt wandelweer en ik "verrits" mijn lange broek tot een korte. Dit keer is daar geen schaar voor nodig   (lees daarover meer bij Texel per fiets).

Over Groesbeek schrijft de NS:
Door de geïsoleerde ligging van Groesbeek, tussen een ware gordel van bossen en de Duitse grens, bleef de ontwikkeling van het dorp lange tijd achter. Die tijden zijn nu voorbij. Er ontstond een omvangrijke pendel op Nijmegen, waar de industrie arbeidskrachten nodig had. Enkele grote instituten en het toerisme hebben eveneens voor werkgelegenheid gezorgd. Zo is Groesbeek een aantrekkelijk dorp geworden met goede voorzieningen.

Net voorbij Groesbeek. Klik hier voor meer foto's. Toeristisch is Groesbeek zeker. Rond half één stappen we weer op. Bij het verlaten van Groesbeek lopen we bijna verkeerd maar we herstellen dit op tijd. Via de Oude Zevenheuvelenweg, what's in a name, laten we Groesbeek achter ons. De route voert hier over graspaden en landweggetjes en slingert tussen kleinschalige akkerbouw en veeteelt door.

We lopen door een vanuit de 2e wereldoorlog historisch gebied. In de nazomer van 1944 vond hier de operatie "Market Garden" plaats.  Het is goed voor te stellen dat in dit heuvelachtige gebied met vele bosschages toentertijd hevig gevochten is. Links van de route ligt een Canadese begraafplaats die wij niet konden ontdekken.

Hier wat info over deze begraafplaats :
Op het kerkhof liggen naar schatting 2.200 Canadese en 300 Britse soldaten begraven. De meeste van hen zijn gesneuveld tijdens de operatie 'Veritable' in februari/ maart 1945. Onder leiding van veldmaarschalk Montgomery trokken destijds zo'n 300.000 manschappen het Duitse Rijngebied binnen. Op de nu nog druk bezochte begraafplaats staat tevens een herdenkingsteken, waarop de namen van meer dan 1.000 in Noordwest Europa vermiste Britten worden vermeld.

Al klimmend en dalend voert de route ons verder. Het loopt tegen tweeën als we de ingang van natuurreservaat de Duivelsberg bereiken. Tijd voor een sneetje brood met als toetje een welverdiende Mars. Het valt Ed op dat er weinig tot geen wespen zijn. Inderdaad opvallend. Tijdens onze lunch zien we wel een bonte specht. Verder zien we vandaag niet veel bijzondere vogels of andere dieren. Maar ja, na de ijsvogel die we aan het begin van onze tocht zagen, wordt al het andere al snel gewoon.

De NS meldt het volgende over de Duivelsberg:
De Duivelsberg is tot 1949 Duits bezit geweest. In het kader van de grenscorrecties na de oorlog werd het gebied in dat jaar bij Nederland getrokken. In 1963 zijn de meeste correcties weer ongedaan gemaakt, maar de Duivelsberg is Nederlands gebleven. Voor de naam 'Duivelsberg' bestaan verschillende verklaringen. Volgens een van de overleveringen heeft op de top van de berg een offerplaats voor heksen gelegen.

En het is alsof de duivel er meer speelt. Na restaurant "De Duivelsberg" raken we het spoor bijster. We ontdekken dit als we onverwacht aan de rand van het plaatsje Beek komen. Dit missertje onzerzijds kunnen we vlot herstellen en het is 15:15 uur als we bij het Filosofendal arriveren.

Het is soms wat bewolkter en daardoor voelt het benauwder aan. Maar nog altijd prima wandelweer.

We passeren grenspaal G34 en we verbazen ons hierover. Waarschijnlijk is dit ook nog zo'n overblijfsel van voor 1949. Zie boven bij de Duivelsberg.

Langs de rand van Beek, nu volgens de route, klimmen en dalen we vrolijk verder. Op één van de hoogtepunten is één of andere instantie zo vriendelijk geweest om er een bankje neer te zetten. Dankbaar maken wij daar gebruik van, ondertussen genietend van een fraai panorama over de Ooijpolder richting het dorpje Persingen.
Persingen. Klik hier voor meer foto's.

De Ooijpolder:
Vanaf de heuvels bij Beek kunt u in de Ooijpolder het dorpje Persingen zien liggen, een kerk met een paar huizen. Het ligt iets hoger dan het omringende landschap, omdat het op een hoogte in het landschap, een donk, gebouwd is. De Ooijpolder is gelegen in de uiterwaarden van de Waal. De polder dankt haar faam aan de rijke flora en de vele vogelsoorten.

Nijmegen. Klik hier voor meer foto's. Na ons laatste brood te hebben genuttigd, stappen we om kwart over vier op. De zon is er ook weer bij en via Ubbergen belanden we in de periferie van Nijmegen. 

We verlustigen ons aan de fraaie huizen waarbij de oudere bouwstijl veelal onze voorkeur geniet. Hoewel dat ene huis met zwembad ook niet onaardig was.

Ongemerkt zijn we in Nijmegen aangekomen. Aan de rechterkant schittert het water van de Waal. Even een druk stukje, wel met een mooi gezicht op de Waalbrug, en dan zijn we bij het Valkhofpark. Met dit park begint zo ongeveer de geschiedenis van Nijmegen.

Volgens de NS ging dat als volgt:
De geschiedenis van het Valkhof begon ongeveer 20 jaar voor Christus. Bij het kruispunt van twee belangrijke wegen werd op deze heuvel aan de Waal een versterking gebouwd. Er omheen ontstond al spoedig een handelsplaats. De oudste tekeningen die bekend zijn laten zien hoe de situatie was na 1500. Na 1600 begon het verval. Men besloot de burcht eind 18e eeuw te slopen. De Nikolaaskapel en de Absis van de St. Maartenskapel bleven eenzaam op de kale Valkhofheuvel achter. Om het gruwelijke aanzicht van de stad enigszins te camoufleren plantte men snel hoog groeiende bomen in en ontstond een wandelplaats, waaruit na vele veranderingen het park van nu voor u ligt. De Nikolaaskapel ontsnapte in de Tweede Wereldoorlog opnieuw op het nippertje aan de verwoesting en werd in 1958 gerestaureerd.

Na al deze historie zijn we om half zes aan de Waalkade. We zoeken en vinden een terras aan de Waal en we genieten van de zon, de scheepvaart, en een heerlijke salade. Een uurtje later wandelen we door Nijmegen richting het station. We komen onder andere langs de St. Stevenskerk en via het Kronenburgpark, zonder Frank Boeijen, bereiken we het station. Hier is de verwarring groot want er rijden geen treinen tussen Arnhem en Utrecht. Zoals gebruikelijk is de informatie die de NS geeft onduidelijk. Om een lang verhaal kort te houden: met slechts een half uur vertraging reizen we via Den Bosch en Utrecht naar Maarssen. We kunnen terugkijken op een stevige maar mooie wandeltocht.


Vragen of reakties? Naar wandelingen Naar boven